Gisteravond nam mijn dochter met haar optreden in de musical Plexat afscheid van haar basisschooltijd. Nou ja, niet helemaal, want volgende week is er nog een kampweek. Een paar dagen van te voren werd ik nog "opgeroepen" om te helpen schminken; 6 meiden en jongens moesten binnen no time omgetoverd worden tot bejaarden. Eén daarvan was mijn dochter. Stralend op het podium, vol humor en beweeglijk; volkomen vrij, voerde ze haar rol op voor een zaal vol ouders, opa's, oma's en bekenden.
En daarmee dacht ik terug aan 34 jaar geleden, toen ik zelf, op hetzelfde podium vol bravoure als soliste "Ma, he's making eyes at me" zong bij een optreden van meisjeskoor de Mascottes.
En ik kan niet ontkennen dat het me raakte toen de oma van een klasgenootje tegen mij zei: "Je dochter springt er wel uit zeg, wat is die vrij, beweeglijk en vol humor, echt een talent. Ze voelt zich helemaal thuis op het podium". En meteen daar achter aan zei ze: "Dat heeft ze van haar moeder".(Deze oma kent mij nog van mijn kindertijd.) En ik denk dat ze gelijk had. En tegelijkertijd realiseer ik me dat ik ondanks mijn schijnbare podiumvrijheid ook een knoop in mijn buik kon voelen en letterlijk makkelijker optrad in een rol, dan als mijzelf. Dat laatste is veranderd en de knoop is er nog maar af en toe; die begroet ik dan als een goede vriend.
Hoe zou dat voor mijn dochter zijn?


